Niet-partnerlanden

Naast de 18 partnerlanden van de gouvernementele samenwerking zijn er nog andere ontwikkelingslanden die Belgische hulp ontvangen. Afhankelijk van de bron, kunnen de bedragen sterk variëren van jaar tot jaar. De cijfers van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking geven hierover alle details. Het kan gaan om eenmalige uitgaven of uitgaven gedurende een beperkte periode. Dat betreft dan doorgaans programma’s voor noodhulp of humanitaire bijstand (begroting Buitenlandse Zaken), leningen of schuldkwijtscheldingen (begroting Ontwikkelingssamenwerking of Financiën). Het kan ook gaan om meerjarige verbintenissen met andere actoren dan de Belgische staat (ngo’s, universiteiten, gewesten en gemeenschappen…).

Met het oog op een grotere hulpdoeltreffendheid streeft de minister voor wat betreft de interventies die gesubsidieerd worden door DGD, op termijn naar een grotere synergie met het gouvernementele concentratiebeleid.