Universiteiten
De indirecte universitaire samenwerking
De indirecte universitaire samenwerking wordt geregeld door zes Overeenkomsten (1 Algemene en 5 Bijzondere) tussen de Belgische Staat en de Vlaamse universiteiten, vertegenwoordigd in de VLIR (Vlaamse Interuniversitaire Raad), en tussen de Belgische Staat en de Franstalige universiteiten, vertegenwoordigd in de CIUF (Conseil Interuniversitaire de la Communauté française). Ze gaan vergezeld van vijfjarenplannen die de doelstellingen en de middelen bepalen die voor de universitaire samenwerking zijn vastgelegd.
Bijzondere overeenkomsten (of de verschillende werkmiddelen van de universitaire samenwerking)
a. Bijzondere overeenkomsten over de opleidingskosten
Dit zijn de kosten voor de opleiding van studenten uit ontwikkelingslanden aan een Belgische universiteit.
b. Bijzondere overeenkomst over de Noord-acties
Dit zijn alle activiteiten voor ontwikkelingssamenwerking hoofdzakelijk georganiseerd aan Belgische universiteiten, met name:
- beleidsvoorbereidend onderzoek;
- opleidingsprogramma’s (internationale cursussen en stages) en internationale congressen;
- studiereizen van universiteitsstudenten naar partnerlanden;
- de werkingstoelage voor VLIR en CIUF.
VLIR en CIUF moeten jaarlijks een programma indienen met het gereserveerde gedeelte voor elke soort actie.
c. Bijzondere overeenkomst over de eigen initiatieven van de universiteiten
Dit zijn projecten met een maximale duur van vijf jaar die de onderwijs- en onderzoekscapaciteit in het Zuiden trachten te versterken, met speciale aandacht voor strategische onderzoeksprojecten. Het moet gaan om echte ontwikkelingsprojecten voor het partnerland.
d. Bijzondere overeenkomst over de institutionele universitaire samenwerking
Deze samenwerkingsvorm heeft als doel de onderwijs-, onderzoeks- en administratieve capaciteit van een (beperkt) aantal instellingen in het Zuiden te versterken.
e. Bijzondere overeenkomst over de beurzen
Deze overeenkomst vertrouwt aan VLIR en CIUF het beheer toe van het programma voor studiebeurzen en stages. Deze beurzen worden toegekend in het kader van internationale cursussen en stages.
De verschillende overeenkomsten inzake universitaire samenwerking worden binnen afzienbare tijd bijgewerkt om
- de programmatorische benadering en, derhalve, de voorspelbaarheid van de toegestane
financieringen voor de universiteiten van het Zuiden, te versterken; - waar mogelijk, de beginselen van de Verklaring van Parijs, te integreren;
- de kanalen voor het toekennen van studiebeurzen door de Belgische samenwerking te harmoniseren.