Humanitaire Hulp
Voedselhulp
Ter aanvulling van de activiteiten van het Belgisch Fonds voor de Voedselzekerheid die voorzien in de behoeften op lange termijn, heeft de voedselhulp die verstrekt wordt door de Belgische samenwerking als doel onmiddellijk hulp te verlenen aan bevolkingsgroepen die te kampen hebben met een ernstig voedseltekort als gevolg van een crisis, ongeacht de aard ervan.
In het kader van de Conventie over de voedselhulp in 1999 en overeenkomstig de met de Europese Unie afgesloten akkoorden, is België verplicht jaarlijks minimaal 30.000 ton graanequivalent te leveren aan de ontwikkelingslanden. In toepassing van Verordening (EG) nr. 1292/96 van de Raad van 27 juni 1996 (bekijk deze verordening (PDF, 137.93 Kb)) verleent België steun aan de landen die tijdelijk met een voedseltekort te kampen hebben en in situaties op het einde van een crisis om zo snel mogelijk een minimumniveau van voedselzekerheid te kunnen bieden.
Er zijn dan ook verschillende categorieën voedselhulp, afhankelijk van de beoogde doelstellingen.
Noodvoedselhulp:
deze hulp wordt verstrekt in situaties die veroorzaakt worden door natuurverschijnselen en door onvoorziene menselijke handelingen. In geval van crisis wordt deze hulp in de vorm van verschillende voedselrantsoenen kosteloos verstrekt aan kwetsbare personen of vluchtelingen. De voornaamste actoren voor noodhulp zijn de gespecialiseerde organisaties van de Verenigde Naties (Wereldvoedselprogramma, UNHCR), ICRK, BTC en de ngo’s.
Voedselhulp voor wederopbouwprojecten:
de speciale hulpdiensten van de FAO/TCEO, afdeling noodhulp van de FAO, zijn aangewezen om projecten te ontwikkelen die hoofdzakelijk landbouwinput en technische bijstand leveren voor de snelle heropbouw en het duurzame herstel van landbouwproductiesystemen bij bevolkingsgroepen die getroffen zijn door natuurrampen of door de mens veroorzaakte rampen. Deze categorie hulp verschaft de bevolkingsgroepen zaaigoed, meststoffen en klein landbouwmateriaal, met andere woorden middelen waarmee ze zelf in hun voedselproductie kunnen voorzien. Hierdoor past deze hulp in het continuüm noodhulp, wederopbouw, ontwikkeling.
Hoe België samenwerkt met het Wereldvoedselprogramma (PDF, 951.14 Kb) (artikel Dimensie 3)

Preventieve hulp, noodhulp en wederopbouwhulp op korte termijn
Noodhulp en wederopbouwhulp op korte termijn hebben als doel humanitaire hulp te verlenen aan bevolkingsgroepen in nood en aan slachtoffers van natuurrampen of door de mens veroorzaakte rampen, waarvan de omvang en de ernst zo groot zijn dat plaatselijke en nationale hulpverlening alleen ontoereikend zijn.
Overeenkomstig het koninklijk besluit van 19 november 1996 dat de modaliteiten voor de toekenning van subsidies en de uitvoeringsmodaliteiten voor humanitaire hulp via DGD bepaalt, behelst het begrip "noodhulp en wederopbouwhulp op korte termijn":
preventie van natuurrampen
heeft als doel preventieve activiteiten (bijvoorbeeld vaccinatiecampagnes) te bevorderen, om te voorkomen dat er rampen uitbreken (bijvoorbeeld epidemieën).
noodhulp
voorziet in de levensbehoeften van bevolkingsgroepen die geconfronteerd worden met menselijk geweld of met natuurrampen, waarvan de omvang en de ernst zo groot zijn dat plaatselijke en nationale hulpverlening alleen ontoereikend zijn.
directe post-noodhulp of wederopbouwhulp op korte termijn
beoogt de ontwikkeling van wederopbouw- en reconstructiewerken op korte termijn, om de getroffen bevolkingsgroepen te helpen een minimum aan zelfvoorziening
op te bouwen en om de overgang naar ontwikkelingsprogramma's te verzekeren.
Deze categorieën staan niet op zich. De meeste humanitaire interventies omvatten activiteiten die zowel tot noodhulp, wederopbouwhulp als preventie kunnen worden gerekend. Eenzelfde interventie kan verschillende luiken bevatten die elkaar aanvullen.
Humanitaire crisis in de Hoorn van Afrika in 2011
Door het uitblijven van de regens kampte de Hoorn van Afrika in 2011 met extreme droogte. Als gevolg daarvan, en mede door de oorlog in Somalië, ontstond een hongersnood die tot ergste van de voorbije 60 jaar wordt gerekend. De VN schatte dat 2,5 miljard euro nodig was om de ergste noden te lenigen. De honger sloeg het hardst toe in Somalië en Ethiopië. De vluchtelingenkampen in de regio zag een ongezien hoog aantal mensen toestromen. Lees meer...