Internationale samenwerking in de ruimte

I. Internationale samenwerking op ruimtevaartgebied

Het regeerakkoord van Premier YVES LETERME stelt dat België ook in de toekomst nauw betrokken zal zijn bij de programma’s van het Europees Ruimte-Agentschap ESA. 

De ruimte is de kern van het Europese project, want de beheersing van de ruimte is van strategisch belang" Al meer dan drie decennia geven ruimteactiviteiten de aanzet tot de meest geavanceerde technologische vernieuwingen in België. Een kleine 95% van het federale ruimtebudget vloeit naar de programma’s van het Europese Ruimte-Agentschap (ESA). Omdat België de vijfde grootste bijdrage levert, bekleedt het een belangrijke plaats in het ESA waarin de aandacht vooral gaat naar een zo optimaal mogelijke terugkoppeling naar de sectoren wetenschap, technologie en industrie in België. De overige 5% van het budget wordt besteed aan Belgische programma's van aardobservatie en aan bilaterale programma's. De ruimtesector bestaat in België uit 70 teams die werkzaam zijn in federale of regionale wetenschappelijke instellingen en in centra van uitmuntendheid. Het gaat om een veertigtal bedrijven en een kleine 1600 rechtstreekse hooggekwalificeerde arbeidsplaatsen. De ESA-overeenkomst bepaalt dat de samenwerking in de ruimte louter vredelievende doeleinden dient. Dit sluit niet uit dat lidstaten « niet-agressieve » activiteiten voeren op het gebied van veiligheid en defensie, in het bijzonder in het kader van het Europees veiligheids- en defensiebeleid (GBVB-EVDB) en in het kader van maatregelen inzake Europese samenwerking op ruimtevaartgebied met de  de Atlantische Alliantie.

In de internationale fora die zich bezighouden met ruimtevaart neemt de Belgische Hoge Vertegenwoordiging voor het ruimtevaartbeleid de Belgische belangen waar. Dat is zo in de ESA-Raad en in de Ruimteraad waar de ministers van de lidstaten van de EU en van het ESA bijeenkomen. In synergie met de Belgische Hoge Vertegenwoordiging vertegenwoordigt de dienst Wetenschapsbeleid en Ruimtevaart de FOD Buitenlandse Zaken op de vergaderingen van de Raad en in het Comité van internationale betrekkingen van het ESA. De Dienst Wetenschapsbeleid en Ruimtevaart houdt de betrokken overheden en onze diplomatieke zendingen op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van het Europese ruimtevaartbeleid en van de samenwerkingsstrategieën met derde landen. Hij heeft ook een schakelfunctie met de diensten die bevoegd zijn voor duurzame ontwikkeling en de strijd tegen de klimaatverandering.

In het besef dat de ruimte een strategisch voordeel oplevert en van fundamenteel belang is voor onafhankelijkheid, veiligheid en welvaart in Europa keurde de ESA-Raad op ministerieel niveau in november 2008 in Den Haag een enveloppe goed van 10 miljard euro voor de periode 2009-2013. De Ministers besloten het Europees ruimtevaartbeleid een nieuwe impuls te geven en Europa als een van de grote spelers op het gebied van de ruimtevaart rond eenzelfde groots opgevat plan te verenigen. Minister SABINE LARUELLE heeft kunnen bewerkstelligen dat België zijn deelname met 20% verhoogt tot in totaal 947 miljoen euro voor de komende 5 jaar. Samen met de Europese en internationale partners hebben de Belgen de volgende prioritaire doelstellingen: de Europese draagraketten Ariane 5, Vega en Sojoez CSG in Kourou, de Europese ruimtevaarthaven in Frans-Guyana ; de aardobservatie GMES voor milieubescherming, de strijd tegen de klimaatwijziging en de toepassingen voor defensie/veiligheid ; het Meteosat-programma van de derde generatie ; het ISS; de bio- en natuurwetenschappen in het kader van ELIPS; de ExoMars-missie in het kader van het Aurora-programma ; het spitstechnologisch onderzoek inzake satellietcommunicatiesystemen, ook voor het luchtverkeersbeheer, in het kader van ARTES  ; de plaatsbepalings- en navigatiesystemen GNSS-GALILEO ;  het informatiesysteem SSA (Space Situational Awareness) ; de versterking van de Europese site van ESA in Redu in de provincie Luxemburg en het algemeen technologieontwikkelingsprogramma GSTP (General Support Technology Program) dat de nodige technologie moet leveren voor nieuwe ruimtevaartprogramma’s.

België neemt met zijn Europese partners deel aan de gemeenschappelijke strategische initiatieven van het ESA en de EU in het kader van de resolutie betreffende het Europees ruimtevaartbeleid (ESP) en de tenuitvoerlegging van artikel 189 van het Verdrag van Lissabon inzake de gedeelde bevoegdheden op het gebied van de ruimtevaart.

Het Europese ruimtevaartbeleid is in de Commissie Barroso II een van de aandachtspunten van vice-president  Antonio TAJANI, Europees commissaris voor Industrie en ondernemerschap. Op basis van de raamovereenkomst tussen de EU en het ESA worden belangrijke Europese initiatieven genomen, zoals :
GNSS-GALILEO, het toekomstige wereldwijde Europese positiebepaling- en satellietnavigatiesysteem. Hierover worden sinds juni 2004 overeenkomsten gesloten met betrekking tot de interoperabiliteit met het Amerikaanse GPS-systeem en samenwerkingsovereenkomsten met tal van derde landen zoals China, Zuid-Korea, Brazilië, Oekraïne, Israël, Marokko en de Russische Federatie. Het station Redu van het ESA maakt deel uit van het grondnetwerk voor het GNSS-Galileo-systeem. Het vangt de navigatiesignalen van de eerste Galileosatelliet Giove-A op. Septentrio-Leuven, een spin off van IMEC, produceert ontvangers voor het GPS-GNSS/Galileo-systeem voor gebruikers over de hele wereld en voert veiligheidstests uit op GIOVE-A. België droeg Brussel voor als zetel van de Europese Toezichtsautoriteit (GSA).

GMES-Global Monitoring for Environment and Security - mondiale bewaking inzake milieu en veiligheid, een tweede gemeenschappelijk industrieel initiatief van het ESA en de EU, werd op de Europese Raad van Göteborg in 2001 goedgekeurd en waarborgt de vrije toegang tot gegevens die de 27 EU-regeringen voor analyses en beslissingen nodig hebben. Het GMES-programma reikt meer betrouwbare milieugegevens aan en ontwikkelt samen met het Europees Defensieagentschap een strategisch luik. De 5 “monitoring”-satellieten en de grondinfrastructuur van GMES dragen bij tot het onderzoek van klimaatverandering, het beheer van natuurrampen en de bewaking van de buitengrenzen van de EU in samenwerking met het Europees agentschap FRONTEX, met zetel in Warschau. GMES is de Europese bijdrage tot het Amerikaanse Global Earth Observation System of Systems GEOSS dat in 2003 in het leven is geroepen met het oog op de internationale coördinatie van milieugegevens, in het verlengde van de Top van Johannesburg over duurzame ontwikkeling en van de G8-beslissingen. België neemt actief deel aan GMES en GEOSS, met name via de activiteiten van de Vlaamse instelling voor technologisch onderzoek (VITO) in Mol, Alcatel Bell Space en Verhaert. België neemt samen met Frankrijk, Zweden en Oostenrijk deel aan het nieuwe programma SPOT Pleiades dat aardobservatiegegevens met hoge resolutie levert voor doeleinden op het gebied van de wetenschap en van veiligheid-defensie.

Op initiatief van het ESA en de EU werd in november 2003 in Wenen het Europees instituut voor ruimtevaartbeleid ESPI opgericht in samenwerking met het Oostenrijkse ruimtevaartagentschap. Philippe Busquin, gewezen Europees commissaris voor onderzoek, vervult een belangrijke rol in het ESPI dat de taak heeft de uitvoering van het Europees ruimtevaartbeleid te ondersteunen. Het ESPI neemt deel aan seminaries van het Interdisciplinery Centre for Space Studies van de universiteit van Leuven (ICSS).

België is actief betrokken bij de internationale samenwerking in de ruimtevaart.

Naar aanleiding van het internationale pooljaar 2007-2008 en de bouw op Antarctica van de Prinses Elisabethbasis van de Internationale Poolstichting, waarvan Z.K.H. Prins Filip erevoorzitter is, maakten twee Belgische poolverkenners, Alain Hubert en Dixie Dansercoer, deel uit van een internationaal onderzoeksteam dat studieopdrachten verricht over de klimaatwijzigingen in de Noord- en de Zuidpoolgebieden op basis van satellietgegevens van CryoSat 2 van het ESA. 

België levert een bijdrage tot de samenwerking tussen het ESA en de NASA via het Microgravity Research Center van de Université Libre de Bruxelles en het Belgisch instituut voor ruimteaëronomie. Charles BOLDEN, gewezen astronaut en de nieuwe directeur van de NASA is een uitgesproken voorstander van de verovering van Mars en hij overweegt robots op exploratiemissies naar Mars te sturen in samenwerking met de internationale partners en meer in het bijzonder met het ESA. Een maanmissie in het kader van het Constellation-programma is volgens Charles Bolden dan ook niet nodig. Die missie werd door het Witte Huis geschrapt. 

België is ook betrokken bij de ESA-programma's TIGER en SHARE die de Afrikaanse landen voorzien van aardobservatiegegevens van satellieten, onder meer om het waterbeheer in Afrika te verbeteren.
In Chili nemen de Belgische astronomen samen met wetenschappers uit twaalf andere landen deel aan het programma voor ruimteobservatie met de Very Large Telescope en in het kader van het ALMA-project van de European Southern Observatory (ESO).

België levert bijdragen aan de internationale samenwerking van het ESA, in het bijzonder met Canada, een geassocieerd land, en Japan.

In het kader van het programma voor 18 maanden van het trio-voorzitterschap van de Europese Raad zijn Spanje-België-Hongarije voorstander van de ontwikkeling en de uitvoering van het Europees ruimtevaartbeleid. De drie voorzitterschappen zullen hun inspanningen toespitsen op de uitvoering van GNSS GALILEO en GMES alsook op de ruimtevaartapplicaties ter ondersteuning van GBVB- en EVDB-missies.

Links

BARROSO II & DG ESA  DORDAIN The ambitions of Europe in Space 19.10.09 http://www.esa.int/esaCP/SEMA5UYRA0G_index_2.html
European Space Policy : Security & Defence http://ec.europa.eu/enterprise/policies/space/esp/security/index_en.htm
Tajani http://ec.europa.eu/commission_2010-2014/tajani/about/mandate/index_en.htm


Esa (http://www.esa.int/esaCP/SEMTDJ3KV5G_Belgium_du_2.html
http://www.esa.int/esaCP/SEMVZK1OWUF_France_2.html
http://www.esa.int/esaCP/SEMTZQRJR4G_Belgium_du_2.html

De Hoge Vertegenwoordiging voor het ruimtevaartbeleid http://www.bhrs.be/event_fr.stm
http://www.bhrs.be/be_nl.stm  

Agoria
http://www.agoria.be/s/p.exe/WService=WWW/webextra/prg/izContentWeb?SessionLID=2&vUserID=999999&vWebSessionID=54693&FAction=searchtopic&TopicID=2037&enewsid=33413

 

II. Het Belgische wetenschapsbeleid

Met het oog op het instandhouden van een innoverende economie zijn ontwikkeling en onderzoek (O&O) en spitstechnologie een prioriteit van de Belgische regeringen. De inspanningen van elke overheid hebben tot doel de publieke en private investeringen in O&O te verhogen en competitiviteitspools op te richten en te versterken.

Het beleid voor wetenschappelijk onderzoek wordt door verschillende publieke overheden gevoerd, met name de federale Staat, de Gemeenschappen en de Gewesten.

De Programmatorische Overheidsdienst Wetenschapsbeleid, een belangrijk federaal departement inzake cultuur, kunst en wetenschappen, telt in het kader van de federale bevoegdheden 3000 rechtstreekse medewerkers  en vertegenwoordigt een budget van om en bij 500 miljoen euro. Hij voert meerjarenonderzoek op nationaal en internationaal gebied teneinde het wetenschappelijk en technologisch potentieel in ons land te versterken. Overeenkomstig het regeerakkoord van Eerste Minister Yves LETERME wil mevr. Sabine LARUELLE, Minister van KM0’s, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid, prioritair de tien federale wetenschapsinstellingen in België en de koninklijke academieën en wetenschapsinstellingen in het buitenland moderniseren, het patrimonium opwaarderen en het privaat-publieke partnerschap ontwikkelen.

Binnen de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken onder leiding van de heer Steven VANACKERE, vice-Eerste Minister en Minister van Buitenlandse Zaken, vormt de Dienst Wetenschapsbeleid en Ruimtevaart, die onder de Directie-Generaal voor Multilaterale Zaken en voor de Mondialisering (DGM) ressorteert, de schakel tussen de programmatorische federale overheidsdienst wetenschapsbeleid en de betrokken departementen bij het uitwerken van adviezen over de wenselijkheid van een bilaterale en internationale samenwerking. Hij is ook verantwoordelijk voor de interactie met onze diplomatieke zendingen.

De federale staat, de gemeenschappen en de gewesten steunen het onderzoek en de vernieuwing met nieuwe impulsen, rekening houdend met de doelstellingen van de hernieuwde strategie van Lissabon die de Europese Raad in maart 2007 goedkeurde en die in 2010 wordt gewijzigd in het kader van de nieuwe EU 2020-strategie. In technologische attractiepolen en strategische onderzoekscentra worden netwerken opgericht tussen bedrijvenclusters, universiteiten en openbare en private onderzoekseenheden die gespecialiseerd zijn in gebieden zoals bio- en nanotechnologie, voedingsmiddelenindustrie, engineering, informatie- en communicatietechnologie, vervoer/logistiek en lucht- en ruimtevaart. Deze versterkte partnerschappen vormen de kritische massa die nodig is voor het internationale concurrentievermogen van de Belgische know-how, met name de KMO's en de spin-offs in innoverende domeinen.
In het kader van de Europese mobiliteitsstrategie voor onderzoekers riepen de Belgische universiteiten en wetenschappelijke instellingen het Mercator Network of Mobility Centers in het leven. België draagt bij tot een beurzenprogramma voor jonge onderzoekers en de promotie van universitaire uitwisselingen die door de Europese Commissie worden gefinancierd, met name in het kader van de wetenschappelijke samenwerking tussen China en de EU.
Door de bijdragen van de federale staat, de gemeenschappen en de gewesten neemt België actief deel aan de activiteiten van de Europese Onderzoekruimte (EOR) en van de Europese Onderzoeksraad. België werkt ook mee aan het  nieuwe Europees Instituut voor Technologie (EIT) teneinde toonaangevend onderzoek en innovatie in Europa te bevorderen en het Europese concurrentievermogen te verbeteren om de kloof met andere regio's te dichten, met name met Noord-Amerika. 

De Verenigde Staten en de EU versterken het strategisch partnerschap in tal van domeinen, ook op het gebied van innovatie en technologie in de sectoren gezondheid, nano- en biotechnologie en eAccessibility.   

Programma van het trio-voorzitterschap van de Europese Unie :
Onderzoek, ontwikkeling en innovatie
De drie opeenvolgende voorzitterschappen onder Spanje, België en Hongarije zien erop toe dat er ten volle rekening wordt gehouden met het belang van onderzoek, ontwikkeling en innovatie in de nieuwe EU 2020-strategie die in 2010 wordt goedgekeurd. De ontwikkeling en de versterking van de Europese onderzoekruimte (EOR) blijft een prioritaire doelstelling teneinde het concurrentievermogen van Europa te verbeteren en een oplossing aan te reiken voor de belangrijkste sociale uitdagingen.

Links :

Federaal wetenschapsbeleid (http://www.belspo.be/)
Nationaal programma  2008-2010  (http://www.be2010.eu/admin/uploaded/200810151521110.NRP_2008_FR.pdf  )
Federale Regering http://www.belgium.be/
Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
http://www.bruxelles.irisnet.be/fr/region/region_de_bruxelles-capitale/autorites/gouvernement.shtml
Vlaamse Regering http://start.vlaanderen.be/
Waalse Regering http://www.wallonie.be/
Regering van de Franse Gemeenschap http://www.cfwb.be/
Regering van de Duitstalige Gemeenschap http://www.dglive.be/
http://ec.europa.eu/eit/
http://www.eracareers-belgium.be/