60 jaar geleden...

 

De benaming “Verdragen van Rome” slaat op twee verdragen die op 25 maart 1957 in Rome werden ondertekend:

  • het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap.
  • het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (beter bekend als Euratom).

De ondertekening van deze twee verdragen werd in meerdere stappen voorbereid.

 
DE GRONDSTEEN VAN EEN GEMEENSCHAP

De Tweede Wereldoorlog blijft het grootste en meest dodelijke conflict in de geschiedenis van de mensheid. Op het einde van de gruwelijkheden in 1945, waren miljoenen mensen dakloos. De economie lag volledig plat en meer dan de helft van de industriële infrastructuur was vernietigd. De schok van twee wereldoorlogen binnen een periode van 30 jaar zet intellectuelen, politici en filosofen uiteindelijk ertoe aan de oude geschillen te overstijgen en over Europa na te denken en werk te maken van haar wederopbouw.

In dit kader formuleert Robert Schuman het voorstel een economische en politieke unie op te richten die erop gericht is de welvaart te verhogen en de vrede te waarborgen. Zes Europese landen – België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland – reageren enthousiast. Ze beslisten om samen naar economische samenwerking te streven. Ze legden de grondsteen voor de Europese constructie door de sectoren van kolen en staal te integreren. Hiertoen stonden ze een deel van hun nationale soevereiniteit af. In 1951 wordt het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS) in Parijs ondertekend. Een eerste vorm van Europese integratie is ontstaan.

 
OP WEG NAAR TWEE NIEUWE GEMEENSCHAPPEN

Het welslagen van de EGKS was de aanzet tot het ontwerp van een “Europese Defensiegemeenschap” (EDG). In 1954 mislukte dit project van een Europees leger echter. Na deze tegenslag kwamen de ministers van Buitenlandse Zaken van de zes stichtende landen samen op de conferentie van Messina (1955). Ze willen de Europese integratie nieuw leven inblazen en richten zich opnieuw op de economische sector. België werd vertegenwoordigd door Paul-Henri Spaak. De conferentie werd afgesloten met de “Verklaring van Messina” waarin werd gepleit voor een nieuwe fase in de Europese constructie. Het was de bedoeling een economische unie op te richten via gemeenschappelijke instellingen, de geleidelijke versmelting van de nationale economieën, de oprichting van een gemeenschappelijke markt en het stapsgewijs harmoniseren van het sociale beleid.

De deelnemers aan de conferentie van Messina stelden Paul-Henri Spaak aan als voorzitter van een comité dat ermee werd belast duidelijke en precieze voorstellen te formuleren met betrekking tot de oprichting van nieuwe gemeenschappen in het economische en nucleaire domein.

Deze voorstellen werden voorgelegd aan de intergouvernementele conferentie, die in de zomer van 1956 in het kasteel van Hertoginnedal te Brussel plaatsvindt.

Twee jaar lang onderhandelde en vergaderde het comité-Spaak. Het resultaat was de ondertekening van verdragen tot oprichting van nieuwe gemeenschappen: de Europese Economische Gemeenschap (EEG-Verdrag) en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom-Verdrag).

De twee verdragen werden op 25 maart 1957 in Rome ondertekend door België, Duitsland, Frankrijk, Italië, Luxemburg en Nederland en werden op 1 januari 1958 van kracht.

Het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap heeft tot doel een gemeenschappelijke markt op te richten voor het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal (“de vier fundamentele vrijheden”). Het voorziet ook in de oprichting van een douane-unie (afschaffing van de douanerechten tussen de lidstaten) en in de ontwikkeling van een gemeenschappelijk beleid (zoals een gemeenschappelijk landbouwbeleid, een gemeenschappelijk handelsbeleid, een gemeenschappelijk transportbeleid, enz.).

Het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie ligt ten grondslag aan Euratom. Euratom heeft de taak gezamenlijke initiatieven te nemen voor de kernenergie-industrieën van de lidstaten (voorwaarden voor de ontwikkeling van de kernenergie-industrie binnen elke lidstaat, instelling van uniforme veiligheidsnormen, civiel en niet-militair gebruik, …) en de onderzoeksprogramma’s inzake kernenergie te coördineren.

Na verloop van tijd wordt de samenwerking tussen de lidstaten steeds nauwer en zijn er steeds meer kandidaat-lidstaten. Nieuwe verdragen worden gesloten om in te spelen op de nieuwe behoeften van een Europa in beweging. De centrale doelstelling is de Europese Unie beter te doen werken en te verdiepen.

 
60 jaar verdragen 

https://europa.eu/european-union/law/treaties_nl