Energie en klimaat

 
Kort gevat

Het energie en klimaatbeleid van de Europese Unie steunt op drie cruciale pijlers:

  • energiezekerheid: bevoorradingszekerheid staat voorop, in dit verband is ook voldoende diversificatie aangewezen
  • competitiviteit: belang van energieprijzen en kosten-efficiëntie, vervolmaken van de interne energiemarkt
  • duurzaamheid: een geïntegreerde klimaat-en energiebeleid draagt bij tot het halen van de klimaatdoelstellingen, in lijn met de inspanningen die de EU op mondiaal levert met het oog op het bereiken van een nieuw allesomvattend klimaatakkoord.

In lijn met deze 3 assen, besliste de Europese Raad eind 2014 om een nieuw beleidskader horizon 2030 te ontwikkelen, dat steunt op een doelstelling om de broeikasgassen met ten minste 40 procent te reduceren ten opzichte van 1990. Hiertoe zullen vanaf 2020 zowel de industrie- via het hervormde Europese emissiehandelsysteem ETS- als de andere sectoren zoals landbouw, transport en gebouwen (de zogenaamde non ETS) moeten bijdragen. Ter vervollediging van de Energie-Unie werden de voorstellen van het Clean Energy Package bekrachtigd. Er werd een bindende Europese doelstelling afgesproken van energie uit hernieuwbare bronnen op EU-niveau te verhogen tot 32% tegen 2030 evenals een bindende Europese doelstelling voor een verbetering met 32,5% van de energie-efficiëntie. Voor wat betreft het beheer en toezicht werd binnen het governancekader afgesproken om te werken met nationale klimaat- en energieplannen (NEKP). Daarnaast werden voorstellen uitgewerkt om ook in de electriciteitsmarkt aanpassingen te doen om in te kunnen spelen op veranderende trends wat betreft electriciteitsproductie.

 
Doelstellingen voor België

Ons land heeft de bovenstaande assen van een geïntegreerd klimaat-en energiebeleid steeds op constructieve wijze ondersteund. Klimaatbeleid enerzijds en energiezekerheid en het vervolmaken van de interne energiemarkt anderzijds sluiten elkaar niet uit, maar zijn, integendeel, perfect complementair met elkaar.

Om een coherente en correcte opvolging van deze beleidskaders te garanderen werd een eerste voorlopig nationaal energie- en klimaatplan (NEKP) opgesteld. .

Kostenefficiëntie en eerlijke verdeling van inspanningen onder de Lidstaten speelden voor België een sleutelrol bij de verdeling van de doelstellingen voor de sectoren die niet onder het ETS-systeem - o.a. gebouwen en transport - vallen te verdelen. Ons land moet tegen 2030 een reductie van 35 procent in deze sectoren realiseren, wat alleszins een uitdaging vormt.

Het ETS-systeem - m.a.w. het systeem van emissiehandel, waarbij bedrijven maar zoveel mogen uitstoten als ze kunnen afdekken met aan hen toegewezen emissierechten; indien dit hen evenwel niet lukt, dienen zij rechten bij te kopen - werd structureel versterkt voor de periode na 2020 en zal een van de hoekstenen van het Europese klimaatbeleid blijven. Het versterkte systeem gaat gepaard met een adequaat kader inzake carbon leakage om de Europese energie-intensieve industrie te beschermen. Het stimuleren van moderne koolstofarme technologieën en innovatie blijft een prioriteit en hiertoe werden diverse fondsen opgericht in het kader van de ETS-herziening.


Nuttige links