Evaluatie door DBE

 

De dienst Bijzondere Evaluatie - DBE - is belast met de evaluatie van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Dit is een externe evaluatiedienst, die administratief is geplaatst onder de autoriteit van de Voorzitter van het Directiecomité van de FOD Buitenlandse zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Deze positie garandeert zijn onafhankelijkheid in de keuze, de uitvoering en de verspreiding van zijn evaluaties.

Elk jaar bezorgt de BDE een lid van de regering belast met ontwikkelingssamenwerking, een verslag over de activiteiten van het voorbije jaar. Die bezorgt dit verslag en zijn eventuele commentaar aan het parlement.


Wat is een evaluatie?

De OESO/DAC definieert evaluatie als zijnde:

  • een systematische en zo objectief mogelijke beoordeling
  • van een project, een programma of een beleid dat aan de gang is of werd beëindigd,
  • van haar concept, toepassing en resultaten,
  • waarbij het de bedoeling is om de pertinentie, de realisatie van de doelstellingen, de efficiëntie inzake ontwikkeling, de doeltreffendheid, de impact en de duurzaamheid te bepalen.

Een evaluatie dient geloofwaardige en nuttige informatie te verschaffen waarmee de ervaringslessen kunnen worden geïntegreerd in de besluitvormingsprocessen, zowel van de begunstigden als van de geldschieters.


De drie functies van een evaluatie

  • Verantwoording: rekenschap geven over het gebruik van overheidsfondsen
  • Leren: lessen trekken uit wat werkt en wat niet
  • Ondersteuning bij de besluitvorming: objectieve elementen rapporteren om de beslissingen te ondersteunen.

Via de evaluatie gaat men na in welke mate de verwachte resultaten van een interventie zijn bereikt, wat de neveneffecten waren en wat de oorzaak van het succes of het falen was.


De vijf evaluatiecriteria

  • Pertinentie: Beantwoordt de interventie (of de strategie of het beleid) aan belangrijke behoeften? Zullen de begunstigden een betere levenskwaliteit hebben dankzij de interventie? Stemt ze overeen met de prioriteiten van, enerzijds, de partner-staat en, anderzijds, van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking?
  • Doelmatigheid: Heeft de interventie de verwachte resultaten opgeleverd?
  • Efficiëntie: Bereikt ze de resultaten op een optimale manier, met betrekking tot de ingezette middelen en mensen?
  • Duurzaamheid: Bereikt ze duurzame resultaten?
  • Impact: Heeft ze een effect op lange termijn voor de begunstigden en heeft ze een invloed op de gemeenschap of de maatschappij in haar geheel? Kunnen deze effecten met zekerheid worden toegewezen aan de interventie?


Opgelet: de evaluatie is geen audit.

De audit heeft betrekking op de conformiteit met de regelgeving en de procedures. De evaluatie richt zich op het behalen van de resultaten en op de praktijken en probeert te verklaren waarom sommige interventies resultaten opleveren en andere niet.