Europese Unie

Intern optreden van de EU inzake de rechten van de mens

Artikel 6 van het Verdrag betreffende de Europese Unie stelt dat de EU stoelt op de beginselen vrijheid, democratie, eerbiediging van de rechten van de mens en van de fundamentele vrijheden alsmede op het beginsel inzake de rechtsstaat, beginselen waaraan alle lidstaten gehecht zijn. Voornoemd artikel bepaalt eveneens dat de Unie deze fundamentele rechten moet eerbiedigen.

Met het oog hierop riep de EU een Agentschap voor de fundamentele rechten in het leven, dat in 2007 in Genève geopend werd. Het Agentschap analyseert de mensenrechtensituatie binnen de Unie en verstrekt adviezen aan de EU-instellingen voor de uitvoering van het gemeenschapsrecht. Het Agentschap legt zich vooral toe op de strijd tegen racisme en alle vormen van discriminatie maar ook op thema’s zoals burgerparticipatie of immigratie. Het publiceert onderzoeken en maakt de publieke opinie warm voor deze thema’s. Het agentschap bestaat uit verschillende organen : een raad van bestuur, een uitvoerend bureau, een wetenschappelijk comité en een forum voor de fundamentele rechten (ngo).  

Daarnaast werd op de Europese Raad van Nice in 2000 een Handvest van de grondrechten ondertekend en afgekondigd. Dat Handvest zal in de EU-Verdragen worden verwerkt en op die manier afdwingbaar zijn.

Extern optreden van de EU inzake de rechten van de mens

Sinds het Verdrag van Amsterdam dat in 1997 werd ondertekend en in 1999 in werking trad, maken de rechten van de mens ook deel uit van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid (GBVB) van de EU. Op basis daarvan werden door de EU verschillende acties opgezet en uitgevoerd ter bevordering en bescherming van de rechten van de mens in derde landen en in het kader van de andere internationale instellingen.

Het extern optreden van de EU ter bevordering en bescherming van de rechten van de mens behelst met name :

  • de dialoog over de mensenrechten die de EU met een aantal derde landen zoals China en Rusland voert ;
  • de richtlijnen betreffende de mensenrechten die de Raad van de EU goedkeurde met betrekking tot zeven mensenrechtenthema’s die voor de EU van prioritair belang zijn. De richtlijnen beschrijven de verschillende wijzen waarop aan deze aandachtspunten uitvoering moet worden gegeven in de betrekkingen van de EU met derde landen (zie overeenstemmende thematische pagina’s);
  • de demarches en verklaringen ten aanzien van individuele en/of algemene gevallen van schending van de mensenrechten ;
  • de conclusies van de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen ;
  • de actie van de persoonlijke vertegenwoordiger voor de mensenrechten van de Hoge Vertegenwoordiger van de EU voor het buitenlands beleid, die mensenrechtenvraagstukken aankaart tijdens bezoeken in het buitenland, ontmoetingen met ngo’s, enz.:
  • projecten betreffende mensenrechten op het terrein die worden gefinancieerd door het Europees instrument voor de democratie en de mensenrechten;
  • het opstellen, steunen of indienen van resoluties over de mensenrechten in de VN-organen ;
  • de missies voor verkiezingswaarneming in derde landen ;
  • de verwerking van mensenrechtenclausules in de samenwerkingsovereenkomsten met derde landen;
  • de crisisbeheersingoperaties in het kader van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid van de EU (GBVB). Deze kunnen mensenrechtenaspecten behelzen zoals goed bestuur of versterking van de democratische instellingen ;
  • mainstreaming van de rechten van de mens in alle maatregelen inzake buitenlands beleid van de EU.

Site van de Europese Unie over de rechten van de mens  

Richtlijnen van de EU over de rechten van de mens

Site van het Agentschap voor de fundamentele rechten van de Europese Unie