Foltering en andere praktijken

Foltering en wrede, onmenselijke en onterende behandelingen

Foltering : enkele begrippen

Volgens het VN-Verdrag tegen foltering betekent « foltering » iedere handeling waardoor:

  • hevige pijn of hevig leed, lichamelijk dan wel geestelijk,
  • opzettelijk wordt toegebracht aan een persoon
  • met zulke oogmerken als om van hem of van een derde inlichtingen of een bekentenis te verkrijgen, hem te bestraffen voor een handeling die hij of een derde heeft begaan of waarvan hij of een derde wordt verdacht deze te hebben begaan, of hem of een derde te intimideren of ergens toe te dwingen dan wel om enigerlei reden gebaseerd op discriminatie van welke aard ook,
  • wanneer zulke pijn of zulk leed wordt toegebracht door of op aanstichten van dan wel met de uitdrukkelijke of stilzwijgende instemming of gedogen van een overheidsfunctionaris of elke andere persoon die in een officiële hoedanigheid handelt.

Foltering en onmenselijke en onterende behandelingen schenden de kern van de menselijke waardigheid. Zij behoren tot de afschuwelijkste schendingen van de mensenrechten. Het verbod van foltering is dan ook een absoluut mensenrecht. Dat betekent dat er geen enkele uitzondering op dit verbod kan worden geduld, wat ook de uitzonderlijke omstandigheden mogen zijn, zoals bijvoorbeeld een staat van oorlog. 

Internationale en regionale instrumenten

Deze praktijken worden onder meer verboden door :

  • Het VN-Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling van 1984.
  • Het facultatief protocol bij het Verdrag tegen foltering  van 2002,  dat een controlemechanisme instelt voor detentiecentra in de staten die partij zijn.
  • Het Internationaal Pact inzake burgerlijke en politieke rechten (artikel 7).
  • De Conventie inzake de rechten van het kind (artikel 37 a).
  • De Conventies van Genève over de behandeling van oorlogsslachtoffers.
  • Het Verdrag ter voorkoming van foltering en onmenselijke of vernederende behandeling van de Raad van Europa (door België geratificeerd op 23 juli 1991).

Maatregelen van België en van de Europese Unie.

België veroordeelt streng het gebruik van foltering en mishandeling door derde landen. België strijdt ook voor het naleven van dit beginsel op internationaal niveau. Dit vraagstuk vormt ook een prioriteit voor de Europese Unie :

  • De lidstaten van de Europese Unie zijn van oudsher mede-indiener van de resolutie inzake foltering die door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties werd goedgekeurd.
  • Deze staten zijn ook mede-indiener van de resolutie van de Raad voor de mensenrechten inzake foltering, die met name het mandaat van de speciale VN-rapporteur inzake foltering heeft ingesteld.
  • Het Europees instrument voor democratie en mensenrechten financiert projecten in dit domein voor de preventie van foltering, de sociale herintegratie van slachtoffers van foltering en de bevordering van het facultatief Protocol met betrekking tot het Verdrag tegen foltering.

Richtsnoeren van de Europese Unie.

De richtsnoeren zijn documenten die door de EU werden goedgekeurd en die bedoeld zijn om de verschillende methoden te bepalen waarmee de EU in haar betrekkingen met derde landen prioriteiten kan stellen inzake mensenrechten. In 2001 hechtte de EU haar goedkeuring aan richtsnoeren inzake foltering en andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing.
Deze richtsnoeren zijn o.a. bedoeld om :

  • te komen tot een periodieke rapportering over de situatie met betrekking tot dit vraagstuk in derde landen.
  • de ratificatievan de internationale instrumenten tegen foltering te bevorderen.
  • de rol van en de samenwerking met de verschillende internationale controlemechanismen te bevorderen, waaronder de speciale rapporteur en het VN-comité tegen foltering.
  • het instellen van nationale controlemechanismen en mechanismen voor juridische bijstand met betrekking tot detentiecentra te bevorderen.
  • stappen te ondernemen of verklaringen af te leggen om bewezen gevallen van foltering of positieve ontwikkelingen in derde landen te signaleren.
  • dit onderwerp aan te snijden in de contacten met derde landen en op internationaal niveau.
  • samen te werken met de civiele samenleving via vergaderingen en opleidingen over dit thema.

Actie van de Raad van Europa.

Het Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling of bestraffing leidde tot de oprichting van een Comité tegen foltering. Dit orgaan bestaat uit onafhankelijke personen en is gerechtigd alle detentiecentra te bezoeken om na te gaan of er geen mensen worden gefolterd of slecht behandeld. Aan de hand van deze bezoeken maakt het Comité verslagen met aanbevelingen op voor de regeringen. Tussen   1991 en 2008 bracht het Comité vier maal een bezoek aan Belgische detentiecentra.

VN-Comité tegen foltering
FR
EN

 Tekst van de Richtsnoeren tegen foltering (PDF, 218.39 KB)

Comité tegen foltering van de Raad van Europa
FR
EN