Strijd tegen straffeloosheid, met inbegrip van transitionele justitie

 

De strijd tegen straffeloosheid vormt een prioriteit voor België. In Staten die gebukt gaan onder conflict, maar ook slecht bestuur, repressief beleid, corruptie of een capaciteitsdeficit bij gerechtelijke diensten en veiligheidsdiensten, heerst immers een aanzienlijk risico op mensenrechtenschendingen. Het bestrijden van straffeloosheid is bijgevolg essentieel voor het herstel of het behoud van de rechtsstaat en het waarborgen van fundamentele rechten en vrijheden.

Internationale strafhoven vormen een belangrijke pijler in de strijd tegen straffeloosheid. Het bekendste voorbeeld van een dergelijk mechanisme vormt het Internationaal Strafhof, opgericht door het Statuut van Rome, dat ons land ratificeerde.

Daarnaast bestaan er internationale onderzoeksmechanismen die mensenrechtenschendingen en schendingen van het internationaal humanitair recht onderzoeken. Deze internationale onderzoeksorganen zijn opgericht door de Veiligheidsraad, de Algemene Vergadering, de Mensenrechtenraad, de Secretaris-Generaal of de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten. Ze stellen feiten vast op basis waarvan daders van dergelijke schendingen ter verantwoording kunnen worden geroepen.

Nauw verbonden met de strijd tegen straffeloosheid is het concept van transitionele justitie of overgangsjustitite. Het betreft het volledige scala aan processen dat verband houdt met de pogingen van een samenleving om in het reine te komen met een erfenis van grootschalig misbruik uit het verleden, om aansprakelijkheid en rechtvaardigheid te waarborgen en om verzoening tot stand te brengen. Transitionele justitie biedt een antwoord op de vele uitdagingen die zich stellen wanneer Staten zich na een periode van autoritarisme in democratische transitie bevinden of na een periode van conflict de principes van de rechtsstaat en mensenrechten moeten herstellen.

Transitionele justitie is gestoeld op 4 fundamentele pijlers:

  • Waarheidsvinding (‘truth’): hoe moet een samenleving omgaan met haar eigen verleden? Waarheids- en verzoeningscommissies passen in dit kader.
  • Rechtvaardigheid (‘justice’): hoe kan een samenleving verantwoordelijken van mensenrechtenschendingen en misbruiken ter verantwoording roepen? Daarbij wordt in de eerste plaats gedacht aan strafprocessen, maar eveneens aan amnestie- of rehabilitatieregelingen.
  • Herstel (‘reparation’): welke mechanismes bieden de beste garantie op genoegdoening voor slachtoffers van mensenrechtenschendingen? Herstelbetalingen, restitutie, compensatie, maar ook symbolische gebaren zoals verontschuldigingen en herdenkingen vormen voorbeelden van herstelmiddelen.
  • Garanties voor niet-herhaling (‘guarantees of non-recurrence’): welke elementen kunnen ertoe bijdragen dat misbruiken en schendingen uit het verleden zich in de toekomst niet herhalen? Deze pijler focust zich onder meer op institutionele hervormingen die bijdragen tot een herstel van de rechtsstaat.

België steunt actief het mandaat van de speciale rapporteur voor de bevordering van waarheid, rechtvaardigheid, herstel en garanties voor niet-herhaling, onder meer door deelname aan de interactieve dialogen met deze onafhankelijke expert.

Tijdens haar voorzitterschap van de Veiligheidsraad in februari 2020 organiseerde België een open debat over transitionele justitie en plaatste zo het onderwerp voor het eerst op de agenda van de Veiligheidsraad.

België geeft mee uitvoering aan het EU beleidskader ter ondersteuning van transitionele justitie, onder meer door de co-organisatie in september 2016 van een seminarie met experten van de EU en Afrikaanse Unie.