Handelsland België kan niet zonder economische diplomatie


Gepubliceerd op 7 juni 2021, gewijzigd op 30 juni 2021 
 

Prinses Astrid in Marokko
De aanwezigheid van het koningshuis opent deuren! Prinses Astrid
tijdens een economische missie in Marokko in 2018.
© FOD BZ/SPF AE

 

In België zijn vooral de gewesten bevoegd voor de handel. Toch heeft ook de FOD Buitenlandse Zaken een aantal cruciale taken, samengevat als de 4 I’s van de economische diplomatie: informeren, introduceren, interveniëren en imago. Wat houdt dat in?

België leeft van de handel. Zo exporteerde ons land in 2020 – een lastig coronajaar – ruim 367 miljard euro aan goederen. De import bedroeg om en bij de 346 miljard euro. Daarmee is ons land op wereldschaal de 13de grootste uitvoerder en de 14de grootste invoerder (2019). Het grootste deel van de export (76,7%) gaat naar Europa, Turkije inbegrepen (2020).

Netwerken in het buitenland zijn dan ook cruciaal voor onze welvaart. In België hebben vooral de gewesten de taak om de buitenlandse handel te ondersteunen en investeringen aan te trekken. Daartoe beschikken ze elk over een agentschap, met name FIT (Vlaams gewest), Hub.brussels (Brussels Hoofdstedelijk gewest) en AWEX (Waals gewest).

Het Agentschap Buitenlandse Handel speelt eveneens een voorname rol. Dat werd in 2002 opgericht als een forum waar de federale bevoegdheden inzake internationale politiek en de gewestelijke bevoegdheden inzake internationale handel elkaar kunnen ontmoeten. Tot de diensten van dit agentschap behoren economische studies, statistieken van de buitenlandse handel en juridisch advies. Het heeft ook de applicatie Trade4U ontwikkeld die info over handelsopportuniteiten doorstuurt naar bedrijven. Tot slot is het ook bevoegd voor de organisatie van economische zendingen (zie kader).

Ook onze eigenste FOD (federale overheidsdienst) heeft diverse cruciale taken binnen het Belgische handelsbeleid. Die hebben vooral te maken met de unieke positie die onze diplomatieke posten (ambassades, consulaten) innemen in het buitenland. Ze beschikken over uitstekende contacten en kunnen zo deuren openen voor Belgische bedrijven. Steeds werken ze nauw samen met de vertegenwoordigers van de gewestelijke agentschappen. Gemakshalve worden de taken van onze FOD herleid tot 4 i’s. We overlopen ze hieronder.

 

1. Informeren

Onze FOD brengt verschillende informatiestromen samen. De diplomatieke posten onderhouden immers stevige netwerken en speuren voortdurend naar handelsopportuniteiten in hun ambtsgebied. Onder meer allerlei openbare aanbestedingen waar Belgische bedrijven kunnen naar meedingen.

Onze posten geven die opportuniteiten door, onder meer via de applicatie Trade4U (zie hoger). Ook via de ‘verbindingscel investeringen’ wordt informatie doorgegeven. Dat is een overlegplatform waarin, naast onze FOD, ook de gewesten, de FOD Economie en de FOD Financiën zetelen. Onze FOD onderhoudt tevens nauwe contacten met diverse sectororganisaties zoals Agoria (technologiefederatie), Pharma.be (farmaceutische industrie) en Essenscia (chemie en life sciences).

Zo is er momenteel een tekort aan halfgeleiders, een onmisbaar materiaal voor chips in onder meer elektrische auto’s. Samen met de gewestelijke vertegenwoordigers gaan onze diplomatieke posten op zoek naar alternatieve producenten, of bekijken ze hoe productie in België mogelijk kan zijn.

Ook bij samenwerkingen tussen onze havens met havens in het buitenland of bij de zoektocht naar synergiën voor de productie van waterstof – een belangrijke energiedrager voor de toekomst - springen onze ambassades in de bres.

Ook toen er vorig jaar een tekort was aan beschermingsmateriaal zoals mondmaskers werden de diplomatieke posten ingeschakeld om producenten te zoeken. Momenteel is er vooral nood aan speciale injectiespuiten.

 

2. Introduceren

Onze FOD introduceert ook Belgische bedrijven bij buitenlandse ondernemingen. Dat doet ze onder meer door de werking (personeel, administratie) van de Belgische Kamers van Koophandel in het buitenland te subsidiëren. Deze Kamers zijn private initiatieven die als eerste aanspreekpunt fungeren voor Belgische bedrijven in het buitenland. Vaak is de Belgische ambassadeur lid van de Raad van Bestuur. Hij of zij stelt ook regelmatig zijn residentie ter beschikking voor een zakendiner of voordracht.

Daarnaast benoemt en beheert onze FOD een netwerk van onbezoldigde ‘adviseurs in economische diplomatie’. Dat zijn mensen met veel contacten in de zakenwereld van een bepaald land. Ze geven advies over alle mogelijke vraagstukken van economische en financiële aard of over handelsmogelijkheden voor ons land.

In normale tijden worden er jaarlijks 2 staatsbezoeken en 2 prinselijke missies georganiseerd (zie kader). Deze zijn uitermate belangrijk voor onze economie. Ze vormen immers de ideale gelegenheid voor Belgische bedrijven om in het buitenland contracten af te sluiten en te netwerken. Onze FOD co-organiseert.
 

China-Belgium Luncheon
Zakenlunch tijdens de prinselijke economische missie naar China in 2019.
© FOD BZ/SPF AE

 

3. Interveniëren

Onze FOD vertolkt de Belgische stem binnen het Raadgevend Comité Markttoegang (Market Access Advisory Committee – MAAC) van de Europese Commissie. Deze Raad bespreekt handelsbelemmeringen (heffingen…) waar onze ondernemingen het hoofd aan moeten bieden in niet-EU-landen.

Zo heeft onze FOD heel wat werk verzet in het kader van de crisis met de Afrikaanse varkenspest. In september 2018 werden enkele gevallen van Afrikaanse varkenspest vastgesteld bij wilde everzwijnen in de provincie Luxemburg. Resultaat: geen enkele Belgische producent kon nog varkensvlees uitvoeren. Pas eind 2020 werd ons land pestvrij verklaard. Dankzij een nauwe samenwerking tussen onze FOD en het Federaal Agentschap voor de Voedselveiligheid (FAVV) hebben verscheidene landen intussen hun grenzen weer opengesteld voor Belgisch varkensvlees.

Voor de export van coronavaccins overlegt onze FOD op permanente basis met de FOD Volksgezondheid en het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen (FAGG), en op niveau van de EU. De EU heeft immers een mechanisme ontwikkeld dat moet voorkomen dat vaccins onterecht uitgevoerd worden.

 

4. Imago

Voor onze handel is een positief imago van ons land in het buitenland uitermate belangrijk. Daarom organiseren onze diplomatieke posten jaarlijks een 200-tal imagobevorderende evenementen. Dat kan gaan van een modeshow, tentoonstelling of concert, tot een zakendiner of voordracht in de ambtswoning van de ambassadeur.

De FOD is ook nauw betrokken bij de uitwerking van het Belgisch paviljoen op de wereldexpo. De eerstvolgende wereldexpo vindt plaats in Dubai van 1 oktober 2021 tot 30 maart 2022.
 

Pretoria drive-in bioscoop
Tijdens de week van de francofonie organiseerde onze ambassade in Zuid-Afrika
dit jaar een coronaveilige drive-in-bioscoop. Elke toeschouwer kreeg een pakje
met Belgische lekkernijen zoals speculoos, wafels, chocolade en bier.

© FOD BZ/SPF AE

 

Mensenrechten en milieu

België wil handel drijven op een maatschappelijk verantwoorde manier. Fundamentele waarden zoals de mensenrechten en de zorg voor het milieu staan centraal in dit beleid. Op het Europees en het internationaal niveau draagt België dan ook actief bij tot de invoering van stelsels die strenge eisen opleggen. Denk aan de strijd tegen corruptie, een transparante mijnbouw en conflictvrije diamanten.

Ook duurzame ketenzorg (‘due diligence’) treedt meer en meer op de voorgrond. EU-commissaris voor Justitie Didier Reynders werkt daar momenteel een regelgeving voor uit. Beyond Chocolate is een vorm van duurzame ketenzorg. Dat Belgische initiatief wil een eind maken aan de extreme armoede, kinderarbeid en ontbossing die achter onze chocolade schuilgaat.

Kortom, economische diplomatie is een must voor ons land en dat al sinds het ontstaan van België in 1830. De FOD Buitenlandse Zaken werkt daarvoor nauw samen met de gewesten, het Agentschap Buitenlandse Handel en andere federale overheidsdiensten.

 

Staatsbezoeken en prinselijke economische zendingen

Jaarlijks organiseert ons land 2 staatsbezoeken en 2 prinselijke economische zendingen. Een staatsbezoek wordt geleid door Z.M. Koning Filip en omvat steeds een belangrijk economisch luik. Een economische zending heeft H.K.H. Prinses Astrid aan het hoofd.
Deze zendingen hebben een grote impact op onze economie. Het is overduidelijk dat de koninklijke aanwezigheid deuren opent. Onze bedrijven kunnen veel gemakkelijker contacten leggen met andere bedrijven in het buitenland (Business to business of B2B), ook met sleutelpersonen op hoog niveau. Zo kunnen ze nieuwe markten veroveren of hun marktpositie verstevigen. Vandaar dat zoveel bedrijven aan dergelijke zendingen deelnemen. Gemiddeld telt een prinselijke economische zending tussen de 350 en de 550 deelnemers. Voor staatsbezoeken worden 50 (Europa) tot 100 (buiten Europa) bedrijven uitgenodigd.
De staatsbezoeken en de economische zendingen worden tot in alle details voorbereid. Onze FOD speelt daarin een belangrijke coördinerende rol, samen met het Paleis, het ABH en de gewesten. Er is ruimte voor talloze seminaries, workshops, netwerkevenementen, bedrijfsbezoeken en B2B-contacten.
De coronacrisis heeft de zendingen tijdelijk stilgelegd. Toch staat er dit najaar in oktober een economische zending gepland naar de oostkust van de VS. De planning voor staatsbezoeken wordt zo snel mogelijk hervat.

 

Handelsbeleid via EU en WTO

Het gemeenschappelijk EU-handelsbeleid vormt een belangrijke bevoegdheid van de Europese Unie. De Europese Commissie vervult dan ook een sleutelrol als onderhandelaar in naam van de Unie bij EU-handelsonderhandelingen met derde staten of in het kader van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Dat gebeurt onder toezicht van het Europees Parlement en van de EU-lidstaten. Het overleg met de lidstaten vindt plaats binnen het Comité Handelsbeleid van de Raad. Onze FOD – meer bepaald de Directie-Generaal Europese Zaken DGE – vertolkt de Belgische stem binnen dat comité. Ook op die manier dragen we bij aan de Belgische economie.

 

Meer weten?

Economische diplomatie in België