Landherstel, meer dan broodnodig

  1. Nog steeds geldig op
  2. Laatst bijgewerkt op
Image
Sahelgebied

De Sahel vormt een schoolvoorbeeld van woestijnvorming. Met de Grote Groene Muur probeert de internationale gemeenschap het fenomeen een halt toe te roepen. Foto: de Sahel in Niger. © Shutterstock

Over de klimaatconferenties – zoals de meest recente COP26 – horen we vrij veel in de pers, over de biodiversiteitsconferenties al een pak minder. Maar wist je dat er ook regelmatig conferenties doorgaan over woestijnvorming en landdegradatie? Klimaat, biodiversiteit én woestijnvorming zijn namelijk de 3 VN-conventies die voortvloeiden uit de historische Top van de Aarde in Rio de Janeiro in 1992, anders gezegd: de VN-conferentie inzake Milieu en Ontwikkeling.

Regelmatig komen alle partijen – de landen die het verdrag bekrachtigd hebben – van de 3 conventies bijeen om de vooruitgang ervan te bespreken. Een dergelijke bijeenkomst heet in het jargon een Conference of the Parties of COP.

De United Nations Convention to Combat Desertification (UNCCD) is het VN-orgaan dat belast is met de bestrijding van de woestijnvorming. Van 9 tot 20 mei 2022 gaat de 15de COP door in Ivoorkust. België wordt er vertegenwoordigd door 3 medewerkers van de FOD Buitenlandse Zaken: een van het hoofdkwartier en 2 van onze post in Abidjan.

Gigantisch probleem

Woestijnvorming en landdegradatie zijn een gigantisch probleem. De bodem vormt immers de basis van essentiële zaken als voedsel, drinkwater, dierenvoeder, vezels, bouwmateriaal en zo meer. Toch wordt er nog steeds uiterst slordig met de bodem omgesprongen: door overdreven ploegen, gebruik van kunstmest en pesticiden, blootstelling aan erosie door wind en regen, jaarlijks terugkerende monoculturen… En natuurlijk ook door een enorme bouwwoede die nog steeds massa’s land onder een laagje beton doet verdwijnen.

Elk jaar gaat 24 miljard ton vruchtbare aarde verloren als gevolg van menselijke ingrepen. Bedenk daarbij dat het 500 jaar duurt om een laagje vruchtbare bodem van 2,5 cm te vormen, en slechts enkele jaren om dat laagje te vernietigen. Ook ontbossing – jaarlijks zo’n 13 miljoen hectare – leidt er toe dat de bodem blootgesteld wordt aan degradatie en erosie. Alles opgeteld wordt één derde van alle land bedreigd door woestijnvorming.

Image
Ploegtractor ploegt akker

Naast het gebruik van kunstmest en pesticiden leidt ook overdreven ploegen tot aftakeling van de bodem. © Shutterstock

Nationale plannen

De VN-conventie over woestijnvorming wil daar paal en perk aan stellen. In de opeenvolgende COP’s werd bekeken hoe we op wereldschaal onze bodems kunnen beschermen. De vooruitgang verloopt moeizaam. Toch blijft de belofte overeind dat er tegen 2030 netto geen land meer mag aangetast worden, zoals ook uitgedrukt door het Duurzaam Ontwikkelingsdoel SDG15.3.

Eén van de problemen is dat de landen in het Zuiden nog niet ver genoeg staan met de uitwerking van hun nationale plannen om woestijnvorming tegen te gaan. Ook financiering is een heikel punt.

Financiering via GEF

De Afrikaanse landen zijn vragende partij voor een apart mondiaal fonds om droogtes te vermijden en aan te pakken. Voor België is dat een legitieme verzuchting, maar een apart fonds oprichten zou veel tijd en energie vergen. Daarom pleit ons land ervoor, samen met de EU, om de financiering van Early Warning-systemen voor droogtes te verhogen via de Global Environment Facility (GEF), hét mondiale financieringsinstrument voor alles wat met het milieu te maken heeft. Eén van de 5 thema’s waar de GEF voor instaat, is precies landdegradatie.

Ons land heeft er dan ook sterk voor geijverd om de pot waarover de GEF beschikt aan te dikken. Dat is hopelijk gelukt. Voor de 8ste programmaperiode (2022-2026) van de GEF (GEF-8) werd tot nu toe 5,25 miljard dollar binnengehaald. Dat kan nog oplopen tot 5,4 miljard dollar. 11,6% daarvan gaat naar landdegradatie. Dat is minder dan de verhoopte 6 miljard, maar wel meer dan de 4 miljard voor de 7de programmaperiode. België schenkt 92,5 miljoen euro aan de GEF-8.

Politici op hoog niveau mobiliseren

Een belangrijke doelstelling van de COP15 is om de woestijnvorming meer zichtbaarheid te geven en politici van hoog niveau (ministers en staatshoofden) te mobiliseren voor de problematiek. Zo is er op dag 1 een wereldtop voorzien om een politiek momentum te creëren rond woestijnvorming. Op dag 2 gaan er diverse ronde tafels door op ministerieel niveau.

De conferentie zal een aantal thema’s voor het voetlicht plaatsen die nauw verweven zijn met landdegradatie zoals migratie, droogte en zandstormen. Ondernemingen worden aangemoedigd om principes van duurzaam landbeheer in hun operaties in te bouwen.

De COP wil tevens een technische gids rond verantwoordelijke landrechten opleveren. Vandaag zijn de meeste landbewerkers in het Zuiden immers geen eigenaar van hun land. Enkel als ze garanties hebben dat ze het land langdurig kunnen bewerken, zullen ze meer investeren in dat land. Ook vrouwen zouden officiële rechten moeten krijgen op land(gebruik).

België en de Grote Groene Muur

De wereld heeft heel wat achterstand om de ‘neutraliteit in landdegradatie’ te halen tegen 2030. Toch zijn er ook lichtpuntjes. Zo wil de Afrikaanse Unie, met steun van de internationale gemeenschap, tegen 2030 de Grote Groene Muur realiseren in de Sahel. Initieel bestond dit project uit  een strook van groene, productieve landschappen van 7000 km lang (van Senegal tot Djibouti) en 15 km breed. Ondertussen evolueerde het initiatief naar een meer territoriale en regionale benadering.  

Ook België draagt zijn steentje bij. Minister van Ontwikkelingssamenwerking Meryame Kitir heeft 50 miljoen euro uitgetrokken voor 4 Sahellanden: Senegal, Mali, Niger en Burkina Faso, naast een regionaal luik. Doel: de natuurlijke ecosystemen duurzaam herstellen en de natuurlijke hulpbronnen beter beheren, onder meer via agro-ecologische praktijken. Alle projecten liggen volledig in lijn met de 5 pijlers van de Grote Groene Muur. In Senegal en Niger worden de activiteiten op 1 mei 2022 aangevat.

Biodiversiteit en klimaat

Landdegradatie staat niet los van de andere planetaire crisissen rond biodiversiteit en klimaat. Op schraal land kan biodiversiteit immers niet gedijen. De klimaatverstoring versterkt het fenomeen van aftakelende bodems. Anderzijds laten dergelijke bodems veel opgeslagen koolstof vrij wat op zijn beurt de klimaatverstoring aanwakkert.

Omgekeerd, als we erin slagen wereldwijd bodems te herstellen, kan jaarlijks 3 miljard ton atmosferische koolstof opgeslagen worden, genoeg om 10% van de uitstoot door energieverbruik te compenseren. Acties om landdegradatie te vermijden, te verminderen en om te keren, kan één derde van de inspanningen leveren om de temperatuurstijging tot 2°C te beperken tegen 2030.

Torenhoge urgentie

De urgentie is torenhoog. Het meest recente rapport van het internationale klimaatpanel IPCC windt er geen doekjes om: we kunnen alleen de uitstoot tegen 2030 halveren en de opwarming beperken tot 1,5°C, als er nu onmiddellijk grootschalige acties ondernomen worden in alle sectoren. Noch de coronacrisis noch de oorlog in Oekraïne mogen een excuus zijn om gas terug te nemen.

Landherstel vormt een cruciale tool om een duurzame toekomst van de mensheid mogelijk te maken, ook qua voedselproductie en veiligheid. Tijdens de COP15 rond woestijnvorming zal België zich inzetten om die boodschap met kracht te brengen.

Bekijk een filmpje over woestijnvorming met beelden van Yann Arthus-Bertrand (6’35”):

Remote video URL

Zorgzaam omspringen met de bodem? We staan erop! (p. 34-36)