Partnerlanden

Een overzicht van de 14 partnerlanden van de gouvernementele samenwerking en andere ontwikkelingslanden die Belgische hulp ontvangen. De Belgische ontwikkelingssamenwerking is bij voorkeur actief in sectoren waarin er expertise is opgebouwd en nuttige resultaten bereikt werden.

Burkina Faso

Burkina Faso ligt in het zuidelijke deel van de Sahel-zone en heeft geen toegang tot de zee. De Belgische ontwikkelingssamenwerking in Burkina Faso gebeurt via verschillende kanalen. Een overzicht van de gouvernementele samenwerking, niet-gouvernementele samenwerking, multilaterale samenwerking en Humanitaire Hulp in Burkina Faso.
  1. Nog steeds geldig op
  2. Laatst bijgewerkt op

Burkina Faso ligt in het zuiden van de Sahelregio en heeft geen kustlijn. Omdat het er zo weinig regent en de regenval bovendien ongelijk verdeeld is over het land, is er een sterke bevolkingsvlucht ontstaan, vooral vanuit het noorden en het centrum richting de steden, naar het zuidwesten van Burkina Faso en ook naar de buurlanden.

Burkina Faso hangt af van de kleinschalige landbouw om te voorzien in de voedselbehoeften van zijn bevolking. De landbouw en de ontwikkeling van een sterke landelijke economie staan centraal in de uitdaging om werk te maken van het recht op voedzaam en voldoende voedsel.

De plattelandsontwikkeling moet tal van uitdagingen het hoofd bieden:

  • het aandeel van de werkende bevolking in de landbouw;
  • de kwetsbaarheid voor natuurrampen en voor de klimaatverandering;
  • milieu-uitdagingen (vervuiling versus duurzame methodes);
  • terugkerende voedselcrises; 
  • demografische uitdagingen, sociale en economische ongelijkheid, genderongelijkheid, de moeilijkheden om overheidsfinanciering aan te trekken en de kwaliteit van de maatschappelijke dienstverlening...;
  • druk op de productiefactoren, te wijten aan nieuwe praktijken (mijnbouw) en ongelijke toegang, met name tot water en grond;
  • de kwetsbaarheid van het land is drastisch toegenomen, en de sociale cohesie, de vrede en de legitimiteit van de staat staan op de helling.

Het geweld dat niet-statelijke gewapende groeperingen plegen heeft geleid tot de sluiting van scholen en gezondheidscentra. Zowel de groot- als de kleinschalige mijnbouw zijn steeds vaker het doelwit, omdat gewapende groeperingen in de traditionele en de industriële goudwinning een bron van financiering zien. Die verslechterende veiligheidssituatie heeft een humanitaire crisis zonder weerga veroorzaakt en leidt tot een enorme ontheemding onder de bevolking.

De export blijft primitief en bijzonder wankel en is sterk afhankelijk van de thee- en vooral de koffieproductie. De uitvoer van die gewassen heeft echter te lijden onder de prijsschommelingen op de internationale markt.  Buitenlandse investeringen blijven schaars.  Periodes van grote instabiliteit fnuiken de binnenlandse vraag en zetten zo een rem op de economie. Door de exodus richting het buitenland neemt ook de koopkracht van de burgers een duik.   De inflatie stijgt. Door de covidcrisis is de informele economie, toch een reddingsboei voor de allerarmsten, in omvang afgenomen.

Image
Burkina Faso op een kaart

© Shutterstock

Gouvernementele ontwikkelingssamenwerking

De Belgische gouvernementele ontwikkelingssamenwerking in Burkina Faso is erop gericht de leefomstandigheden van de Burkinese bevolking te verbeteren, aan de hand van partnerschappen met de overheidsinstellingen in het land.

Sinds België de gouvernementele samenwerking met Burkina Faso heeft hervat, wil ons land de democratische en socio-economische ontwikkeling van het land structureel ondersteunen via twee krachtlijnen: duurzame en inclusieve economische groei en een op mensenrechten gebaseerde benadering.

België biedt in het kader van zijn gouvernementeel programma ondersteuning in de volgende vier sectoren: 

Ondernemerschap

Om de concurrentiekracht van landelijke en stedelijke ondernemingen te versterken en meer waardig werk te creëren, ondersteunt België het inclusief en duurzaam ondernemerschap. Daarbij gaat het erom de oprichting en verankering van kleine en middelgrote ondernemingen in de groene economie, de agrovoedingssector en de ambachtelijke sector te stimuleren. Het project laat de stem van producentenorganisaties sterker doorklinken in de waardeketens en wil financiële diensten diversifiëren en beter afstemmen, zodat ze de oprichting en de groei van ondernemingen ondersteunen. Via Enabel herstelt België ook de economische infrastructuur en legt het landbouwwegen aan om bepaalde gebieden uit de regio beter bereikbaar te maken.

Veiligheid

Het doel achter deze interventie is een betere veiligheid in de regio, meer bepaald door gemeentelijke politiekantoren te bouwen en uit te rusten in gebieden die het momenteel moeten stellen zonder interne veiligheidsdiensten. Enabel helpt de prioriteiten voor de lokale veiligheidsplannen vast te leggen en draagt bij tot een betere samenwerking tussen de interne veiligheidsdiensten en de bevolking.

Gender

Via het programma ‘She Decides’ : Gezinsplanning promoten en geweld tegen vrouwen en meisjes een halt toeroepen vormt de rode draad van het initiatief ' She Decides '. De toegang tot betrouwbare informatie over de verschillende gezondheidskwesties is van essentieel belang om vrouwen en jonge meisjes meer slagkracht te geven in de uitoefening van hun rechten. Enabel ondersteunt eveneens de lokale overheden bij het nemen van de nodige maatregelen om de seksuele en reproductieve rechten te verankeren.

Capaciteitsopbouw

De Belgische gouvernementele samenwerking wil ook de digitale vaardigheden en innovatiekracht van jongeren, volwassenen en bedrijven in de regio versterken, om zo de sociale en economische ontwikkeling mee aan te zwengelen.

 

Image
Een straat in Ouagadougou

© Shutterstock

Niet-gouvernementele samenwerking

De organisaties van de civiele maatschappij (OCM’s) spelen een sleutelrol in Burkina Faso en worden zonder meer erkend als partners van de staat. Hun ontwikkeling staat echter almaar meer op losse schroeven door de rijzende twijfels over de kwaliteit en doeltreffendheid van hun optreden, en doordat de vrijheid van meningsuiting, vergadering en vereniging steeds sterker aan banden wordt gelegd.

De Belgische actoren van de niet-gouvernementele samenwerking die in Burkina Faso actief zijn, werken nauw samen met de lokale civiele maatschappij. Hun huidige strategische doelstellingen zijn gericht op:

  • Sterkere en transversale aandacht voor de kwetsbaarheidsuitdagingen aan de hand van bepaalde benaderingen (bijvoorbeeld: 1A, 2A, 3A ...), de duidelijkere vermelding van water, hygiëne en sanitatie in doelstelling 3 omtrent gezondheid, het systematische verband tussen aanpak en sociale cohesie, de nadruk op het verband tussen natuurlijke hulpbronnen en sociale cohesie (doelstellingen 1, 2 en 5) ... Die keuze wijst op de aandacht voor het kernbeginsel van de Agenda 2030 - Leave No One Behind en op de integratie van de Nexus-elementen in de verschillende doelstellingen, daar waar dat relevant blijkt.
  • De transversale integratie van onderzoek in de meeste doelstellingen, niet enkel in nummer 4.
  • De duidelijkere integratie van de justitiële uitdagingen in doelstelling 5. Een aantal elementen daarbij zijn transversaal.
  • De rechten van de vrouw en genderongelijkheid zijn essentiële aandachtspunten voor alle actoren, en gedeelde strategische prioriteiten. Dat blijkt op een transversale manier uit elk doel en uit de benaderingen die eraan gekoppeld zijn. De onderstaande tabel benadrukt dat. Elke doelstelling draagt bij tot SDG 5.
  • En terwijl het leefmilieu en de verslechtering ervan in een aparte doelstelling zijn opgenomen, omvatten de andere doelstellingen milieubewuste benaderingen of beogen ze rechtstreeks de vrijwaring en verbetering van dat leefmilieu.
  • Leave No One Behind – het GSK is erop gericht ongelijkheid en discriminatie aan te pakken voor alle sociale groepen. De verslechterende context maakt het des te belangrijker om oog te hebben voor de meest kwetsbaren in de ontwikkelingsprogramma's, en verhoogt de nood om de structurele oorzaken van armoede en uitsluiting bij de wortel uit te roeien.
Image
Een straat in Ouagadougou

© Shutterstock

De niet-gouvernementele samenwerking is in Burkina Faso aanwezig via verschillende kanalen:

  • Belgische niet-gouvernementele organisaties (ngo's),
  • universitaire en wetenschappelijke instellingen,
  • vakbonden,
  • APEFE en VVOB,
  • steden en gemeenten

Er wordt binnen deze programma’s ook nauw samengewerkt met lokale Burkinabese organisaties, zowel  organisaties uit de civiele maatschappij als overheidsinstellingen. Hun voornaamste doelstelling is de versterking van de civiele maatschappij om de ongelijkheden te verminderen.

Multilaterale samenwerking

Om de ontwikkelingsdoelstellingen te bereiken werkt België samen met andere donoren zoals de Europese Unie en de Wereldbank, mee aan multilaterale programma’s op het vlak van gezondheidszorg, onderwijs, leefmilieu, humanitaire hulp en bestuur (verkiezingen, justitie).

België hanteert in de multilaterale samenwerking het principe van de “core funding” waarbij een bijdrage wordt geleverd tot de algemene middelen van de multilaterale partnerorganisaties.

Image
Een dorp in Burkina Faso

© Shutterstock

Humanitaire hulp

In fragiele contexten duren verschillende humanitaire en politieke crisissen waar wordt ingezet op humanitaire hulp steeds langer. In zulke situaties is het belangrijk om levens te redden, maar ook zelfredzaamheid te bevorderen door in te zetten op projecten die de link maken tussen structurele hulp, humanitaire hulp en vredesopbouw.

België overlegt in Burkina Faso ook op regelmatige basis met andere actoren van de ontwikkelingssamenwerking (lokale organisaties, andere donoren, andere ngo’s), over

  • de versterking van het democratisch eigenaarschap van de partners,
  • de afstemming op hun beleid, procedures en beheerssystemen,
  • de harmonisatie met de andere donoren,
  • het resultaatgericht beheer,
  • de wederzijdse verantwoordelijkheid,
  • een betere voorspelbaarheid van de middelen;

Transitionele ontwikkeling en goed bestuur.

In het kader van de transitionele ontwikkeling en goed bestuur heeft België verschillende projecten gelanceerd, met name om de onderliggende oorzaken van fragiliteit en crises aan te pakken, met bijzondere aandacht voor het opbouwen van de weerbaarheid van jongeren tussen 15 en 24 jaar, evenals een project rond de impact van COVID-19 op GBV.