Wetsontwerp over consulaire bijstand aan Belgen in buitenland goedgekeurd

De ministerraad heeft deze voormiddag het wetsontwerp over de consulaire bijstand aan Belgen in het buitenland goedgekeurd. Dat gebeurde op voorstel van minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders. Consulaire bijstand is de hulp die Belgen in het buitenland van de FOD Buitenlandse Zaken krijgen als ze in moeilijkheden verkeren.

Dit wetsontwerp vult een lacune op. Zoals in de meeste Europese landen vandaag bestond ook in België tot nog toe geen wet over de consulaire bijstand. Voor de minister was het belangrijk om duidelijk te bepalen wat onze landgenoten al dan niet kunnen verwachten van onze consulaire posten in het buitenland. Het wetsontwerp bakent ook de verantwoordelijkheid en bevoegdheid van de consulaire diensten af.

Het wetsontwerp bevat een lijst van omstandigheden waarin consulaire bijstand kan worden verleend. Dit 'consulair pakket' is gebaseerd op de dienstverlening op Europees niveau en op de dagelijkse werking van de FOD Buitenlandse zaken:

  • Overlijden van een Belg;
  • Ernstig ongeval van een Belg;
  • Ernstig misdrijf waarvan het slachtoffer Belg is;
  • Onrustwekkende verdwijning van een Belg;
  • Aanhouding of hechtenis van een Belg;
  • Extreme noodtoestand waarin een Belg zich bevindt;
  • Zware consulaire crisis;
  • Internationale kinderontvoering wanneer een kind en/of een van de ouders Belg is.

Belgen die ook de nationaliteit hebben van het land waarin de consulaire bijstand wordt gevraagd, kunnen geen aanspraak maken op consulaire bijstand als instemming van de lokale autoriteiten vereist is. Dit neemt niet weg dat er toch bijstand zou kunnen worden verleend.

Consulaire bijstand wordt dus een recht en niet langer een gunst. Tegelijkertijd worden landgenoten ook op hun verantwoordelijkheden gewezen. Zo zal consulaire bijstand uitgesloten zijn als een landgenoot zelf beslist om het reisadvies van Buitenlandse zaken te negeren, zich bewust begeeft in een oorlogszone of buitensporige risico’s neemt zonder zich daarvoor te laten verzekeren.

Het ontwerp behoudt een evenwicht tussen enerzijds de nood aan grotere rechtszekerheid en anderzijds de nood aan een efficiënte consulaire bijstand. De kaderwet waarin dit ontwerp wordt voorgesteld, biedt de soepelheid die nodig is om consulaire bijstand te verlenen. Die bijstand moet zich immers constant aanpassen aan een vaak erg complexe en evoluerende (internationale) situatie.

Dit wetsontwerp is het sluitstuk van de inspanningen die Didier Reynders de laatste jaren heeft geleverd om de uitoefening van consulaire taken door de Belgische posten in het buitenland te formaliseren en veilig te stellen. Deze wet zal een nieuw hoofdstuk vormen in het Consulair Wetboek van eind 2013.