België steunt de strijd tegen de straffeloosheid in de DRC

Net als de Europese Unie veroordeelt België met klem het geweld in het oosten van de Democratische Republiek Congo (DRC), met name in Ituri en Noord-Kivu, waar de aanvallen de afgelopen dagen zijn toegenomen en talrijke slachtoffers zijn gevallen onder de burgerbevolking, waaronder ook vrouwen en kinderen.

Het oosten van de DRC wordt al vele jaren gekenmerkt door massaal geweld van gewapende groepen die beschuldigd worden van oorlogsmisdaden en ernstige schendingen van de mensenrechten. Deze treffen in de eerste plaats de burgerbevolking en dragen bij tot de verslechtering van de humanitaire situatie en de instabiliteit in de regio. Het is van cruciaal belang dat een einde wordt gemaakt aan de activiteiten van deze gewapende groepen en dat degenen die verantwoordelijk zijn voor deze ernstige schendingen worden berecht.

Mensenrechten en de strijd tegen straffeloosheid staan centraal in het Belgische buitenlandse beleid en de ontwikkelingssamenwerking.

Daarom heeft België zopas zijn steun verleend aan een project ter ondersteuning van overgangsjustitie, de strijd tegen straffeloosheid en bescherming dat werd ontwikkeld door het VN-bureau voor de mensenrechten (UNJHRO) in de DRC, waarvan België één van de belangrijkste donoren is. Het betreft steun voor de oprichting van een commissie voor overgangsjustitie en voor de versterking van het gerechtelijk apparaat op nationaal niveau, alsmede steun voor provinciale processen in zeven provincies die bijzonder zwaar door het conflict zijn getroffen, waaronder Noord-Kivu, Zuid-Kivu en Ituri.

Minister van Ontwikkelingssamenwerking Meryame Kitir benadrukt: "In verschillende Congolese provincies lijdt de bevolking al jaren onder aanhoudend geweld. Zonder bestraffing van de daders zal het onmogelijk zijn om verzoening tot stand te brengen en de geweren het zwijgen op te leggen. Daarom heb ik besloten dit project van het VN-Bureau voor de mensenrechten te steunen, aangezien het de toegang van slachtoffers tot gerechtigheid zal vergemakkelijken en zal bijdragen tot de bestrijding van straffeloosheid.”

Het project is gebaseerd op 4 prioriteiten:

  1. De bevordering van duurzame vrede en verzoening door middel van overgangsjustitie en de bestrijding van straffeloosheid
  2. Ondersteuning van slachtoffers van geweld en ernstige misdrijven
  3. Deelname en bescherming van burgers
  4. Steun voor het reïntegratieproces van oud-strijders en militieleden en hun deelname aan het proces van overgangsjustitie

De genderdimensie zal een centrale plaats krijgen in dit project, met specifieke aandacht voor slachtoffers van seksueel geweld (juridische, medische, psychosociale en economische steun) en voor de deelname van vrouwen aan de opgezette activiteiten. In dit kader is voorzien in samenwerking met UN Women.

Deze Belgische steun past in het kader van de inspanningen van de nationale autoriteiten en de regionale en internationale partners om de diepere oorzaken van de instabiliteit en de onveiligheid in het oosten van de DRC aan te pakken, wat een essentiële voorwaarde is voor het herstel van een duurzame vrede in de regio.

Vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken Sophie Wilmès verklaarde: "Het geweld in het oosten van de Democratische Republiek Congo heeft al te veel onschuldige levens verwoest. Daarom blijven wij ons inzetten voor vrede. Tijdens ons mandaat in de VN-Veiligheidsraad en ook nu nog pleit België voor een meer operationele VN-missie (MONUSCO) die meer aandacht heeft voor de bescherming van de burgerbevolking. Wij hebben ook bijgedragen aan de recente VN-strategie voor de Grote Meren om de hulpbronnen van gewapende groepen af te snijden. De Congolese autoriteiten kunnen rekenen op onze steun bij hun inspanningen om stabiliteit in de regio te brengen en de bevolking te beschermen”.