Gezamenlijke verklaring - Gäichel XIII

Luxemburg en België - Een toekomstgerichte samenwerking

  1. Laatst bijgewerkt op

De eerste ministers van het Groothertogdom Luxemburg, de heer Luc Frieden, en van het Koninkrijk België, de heer Bart De Wever, zijn op 23 maart 2026 samengekomen om de XIIIe Gäichel-Top tussen de Luxemburgse en de Belgische regeringen gezamenlijk voor te zitten. Tijdens deze bijeenkomst werd het belang van het bevoorrechte partnerschap tussen beide landen en hun sterke inzet voor een toekomstgerichte samenwerking bevestigd.

Luxemburg en België zijn vastbesloten om hun bilaterale partnerschap voort te zetten dankzij een samenwerkingsmodel dat gebaseerd is op zowel een historisch vertrouwen als een gedeelde visie op de Europese uitdagingen. De Belgisch-Luxemburgse bilaterale relatie, die verankerd is in een gezamenlijke actie, blijft gericht op een veiligere, innovatievere en een vastberaden pro-Europese gedeelde toekomst.

Deze gemeenschappelijke visie komt in de eerste plaats tot uiting in sectoren die een directe impact hebben op de burgers: mobiliteit, veiligheid, gedeelde infrastructuur en energie. Door samen te werken aan een performantere grensoverschrijdende mobiliteit, een gecoördineerde energietransitie en een geïntegreerde markt voor elektriciteit, hernieuwbare energie, gas en waterstof, tonen beide landen aan dat bilaterale samenwerking een krachtige hefboom is voor een competitiever en meer verbonden Europa dat zich inzet om het dagelijks leven van de burgers in de grensregio’s te vergemakkelijken.

Deze verbintenis komt tot uiting in de duidelijke wil om de modernisering van de spoorlijn Luxemburg-Brussel te versnellen. Het is de bedoeling om de reistijd tegen 2030 te verkorten tot 2 uur en 5 minuten, waardoor de internationale rol van deze strategische verbinding wordt versterkt. Dit sluit volledig aan bij het implementatiebesluit van 27 november 2023 over EuroCap Rail, dat de voltooiing van de corridor tegen 2029 voorziet. 

Naast de klassieke infrastructuur verdiepen beide landen hun samenwerking op het gebied van autonoom vervoer, met de ambitie om de Benelux-Unie uit te bouwen tot een proeftuin op reële schaal, om zo een uitrol te bevorderen die gecoördineerd en interoperabel is. Op het vlak van wetenschappelijke samenwerking bevestigen Luxemburg en België, samen met Nederland en Noordrijn-Westfalen, hun steun aan de Einsteintelescoop-kandidatuur van de Euregio Maas-Rijn.

Dezelfde efficiëntiegerichte aanpak ligt aan de basis van de Belgisch-Luxemburgse coördinatie op het vlak van binnenlandse veiligheid, de strijd tegen de georganiseerde criminaliteit, en de civiele veiligheid, domeinen waarin concreet wordt samengewerkt ten dienste van de burgers. Deze coördinatie strekt zich ook uit tot de consulaire bijstand, die mogelijk wordt gemaakt door de Overeenkomst van 1921 tot oprichting van de BLEU en een aanvullende overeenkomst die al meer dan 60 jaar bestaat. Dit illustreert de voorbeeldige solidariteit tussen de twee landen, met een concrete en essentiële dienstverlening aan hun onderdanen. Deze solidariteit komt ten volle tot uiting in de huidige context van de crisis in het Midden‑Oosten. Beide landen hebben hun krachten gebundeld om de burgers die in de regio vastzaten en in een precaire situatie verkeerden, te repatriëren, evenals via de recente inzet van de binationale eenheid A400M voor deze repatriëringsoperaties van Belgische, Luxemburgse en Europese onderdanen uit het Midden-Oosten. Een ander domein waarin beide landen bijzonder intensief samenwerken, is de fysieke beveiliging van ons personeel en onze diplomatieke missies. Ze breiden hun uitwisselingen uit op het gebied van opleidingen, informatie-uitwisseling en onderzoek naar synergiën tussen hun diensten, onder meer in een Beneluxformaat. Gezien de vele bedreigingen en crisissen zal deze samenwerking verder worden uitgebouwd.

Luxemburg en België verbinden zich er samen toe hun strategisch partnerschap te versterken om het hoofd te bieden aan de toenemende eisen van een door instabiliteit gekenmerkte geopolitieke omgeving, onder meer op het gebied van de defensie. Het binationale verkenningsbataljon is een centrale pijler van deze bilaterale samenwerking en een sterk symbool van de Europese integratie van deze sector. Het is een voorbeeld van het vermogen van twee landen om hun strijdkrachten te bundelen, hun capaciteiten te moderniseren en gezamenlijke inspanningen te leveren in het kader van de prioriteiten van de NAVO en de Europese defensie. De oprichting ervan, met inbegrip van de gezamenlijke aankoop van gepantserde voertuigen en de gecoördineerde ontwikkeling van de bijbehorende ondersteunende capaciteit, getuigt van een duidelijke politieke wil om de interoperabiliteit en de operationele efficiëntie tussen beide landen duurzaam te versterken. Dit militaire partnerschap komt ook tot uiting in de gezamenlijke exploitatie van de A400M-vliegtuigen, die toont dat de strategische en tactische middelen voor luchtvervoer doeltreffend worden gedeeld, en ook door de gezamenlijke deelname aan de KFOR-missie in Kosovo in het kader van een Benelux-detachement in 2025 en 2026, wat getuigt van een nauwe coördinatie en een voorbeeldig wederzijds vertrouwen tussen de strijdkrachten. Beide landen erkennen het toenemende belang van een geïntegreerde luchtverdediging en blijven bereid om actief nieuwe mogelijkheden voor samenwerking op dit gebied te verkennen. Luxemburg en België bevestigen ook hun engagement voor de versterking van de Europese defensie en voor een intensievere industriële samenwerking, waarbij ze het belang benadrukken van de industriële en technologische basis van de Europese defensie, zijn innovatie, veerkracht en strategische autonomie op lange termijn. Uit de ondertekening van een intentieverklaring over economische, industriële en technologische samenwerking op het gebied van veiligheid en defensie blijkt het belang dat beide landen hechten aan de economische en maatschappelijke gevolgen van defensieactiviteiten.

De militaire samenwerking tussen Luxemburg en België strekt zich tevens uit tot het ruimtevaartdomein, onder meer via een nauwe samenwerking op het vlak van satellietcommunicatiecapaciteit, die essentieel is voor de veilige connectiviteit, het commando en de controle van operaties, evenals op het vlak van de aardobservatie via het LUXEOSys-programma.

De ondertekening van een Intentieverklaring in het kader van de XIIIe Gäichel-Top over de samenwerking rond de toekomstige GovSat-2-satelliet vormt een nieuwe stap in de versterking van dit strategische partnerschap.

Buiten het traditionele veiligheidsgebied is dezelfde natuurlijke dynamiek te vinden in het cyber- en digitale domein (waaronder artificiële intelligentie en kwantum-AI), waar Luxemburg en België de ambitie delen om een voortrekkersrol te nemen in Europa. Van het toenemende belang van cyberbeveiliging voor de bescherming van kritieke infrastructuur, over de versterking van de nationale en collectieve weerbaarheid, tot de bestrijding van hybride en cyberdreigingen en de ontwikkeling van een pan-Europese kwantumcommunicatie-infrastructuur weerspiegelt hun samenwerking een duidelijke wil om collectief de technologieën te beheersen die bepalend zullen zijn voor de veiligheid, de soevereiniteit en de concurrentiekracht van het continent.  Ook de lopende en toekomstige projecten in het kader van EuroQCI, BENELUX-QCI en de mogelijke toekomstige samenwerking rond de kwantumcomputer MeluXina-Q illustreren de opkomst van een Belgisch-Luxemburgse as die rechtstreeks kan bijdragen aan de strategische en technologische autonomie van de Europese Unie.

Luxemburg en België herbevestigen het belang dat ze hechten aan de samenwerking binnen de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie (BLEU) om de bilaterale dimensie van hun partnerschap te versterken. Wat betreft de investeringsbeschermingsovereenkomsten die in naam van de BLEU werden gesloten, hebben beide landen zich ertoe verbonden hun inspanningen voort te zetten met het oog op de geleidelijke actualisering ervan. Ze willen bestaande overeenkomsten moderniseren en overwegen nieuwe overeenkomsten te sluiten op basis van het nieuwe overeenkomstmodel, dat is opgesteld om in lijn te zijn met nieuwe Europese normen, onder meer inzake duurzame ontwikkeling.

In het verlengde van hun bilaterale engagement willen Luxemburg en België de Europese dimensie van hun partnerschap versterken en bevestigen in dit verband hun gemeenschappelijke wil om de rol van de Benelux-Unie als innovatie- en samenwerkingslaboratorium ten dienste van de Europese integratie te versterken. Artikel 350 VWEU laat de Benelux-landen immers uitdrukkelijk de mogelijkheid om verder te gaan op het gebied van integratie dan het geval is op Europees niveau. In dezelfde geest benadrukken ze het belang van grensoverschrijdende samenwerking binnen de Europese Unie, die wordt beschouwd als een essentiële hefboom om het dagelijkse leven van de burgers te vergemakkelijken en de territoriale samenhang te versterken.

Deze gezamenlijke verbintenissen hebben ook betrekking op een versterking van de samenwerking in de strijd tegen sociale fraude en sociale dumping, met de ondertekening - op 9 maart 2026 - van het Verdrag ter verbetering en versterking van de grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van de bestrijding van de sociale fraude en onjuistheden in de sociale zekerheid, de bescherming van de gezondheid en de veiligheid op het werk en van fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden. Dit verdrag zal de Beneluxburgers beschermen door een nauwere samenwerking tussen de instellingen van de drie landen.

Luxemburg en België herinneren aan hun gehechtheid aan een competitievere, meer weerbare en meer geïntegreerde Europese Unie.

In dit verband wijzen ze op het belang dat ze hechten aan de Schengenruimte, die niet alleen een belangrijk politiek acquis vormt dat het wederzijdse vertrouwen tussen de lidstaten symboliseert, maar ook de meest tastbare uiting van de Europese integratie is. Vrij verkeer is een essentieel onderdeel van het dagelijkse leven van hun burgers en van de vele grensarbeiders. Het vrije verkeer van personen, maar ook van goederen, diensten en kapitaal vormt de kern van de interne markt en een fundamentele motor voor het Europese concurrentievermogen en de Europese welvaart. Europa moet een ruimte van vrijheid en economisch dynamisme blijven.

In dezelfde geest staat de interne markt centraal in de Europese integratie. Ze vormt de hoeksteen van het concurrentievermogen, de welvaart en het sociale welzijn, en draagt bij tot de convergentie en de cohesie in Europa. In de nieuwe interne markt-strategie die de Europese Commissie in mei 2025 heeft gepresenteerd, worden de hardnekkigste barrières geïdentificeerd, de zogenaamde "Terrible Ten", en worden maatregelen aangekondigd om deze weg te werken. In dit verband wijzen Luxemburg en België op de dringende noodzaak die in de rapporten van “Draghi” en “Letta” wordt benadrukt om de huidige versnippering te overwinnen door middel van harmonisatie en wederzijdse erkenning. Het gaat nu ook om de vertaling van de politieke intenties in ambitieuze en doeltreffende maatregelen. Luxemburg en België nodigen de Europese Commissie dan ook uit om vóór eind 2026 initiatieven voor te stellen om de resterende belemmeringen voor de interne dienstenmarkt weg te werken, de bestaande regels te vereenvoudigen en te consolideren en de digitalisering van de administratieve procedures te versnellen. In deze context herinneren beide landen aan het verzoek van de partners binnen de Benelux-Unie om de ongerechtvaardigde territoriale leveringsbeperkingen op te lossen via een gerichte Europese regelgeving gebaseerd op een grondige impactanalyse. Daarnaast ondersteunen ze een markt voor veilige, duurzame en geïntegreerde e‑commerce. Luxemburg en België verbinden zich ertoe om in hun bilaterale samenwerking en in Beneluxformaat een voortrekkersrol te spelen bij de verdieping van de interne markt.

 

 

Volgens beide landen kan een goed gekalibreerde Spaar- en investeringsunie een essentiële rol spelen om het Europese concurrentievermogen te bevorderen. De vereenvoudiging van de regelgeving, het vergemakkelijken van de toegang tot financiering voor ondernemingen en het mobiliseren van particuliere spaargelden voor productieve investeringen zullen de Europese groei en innovatie ondersteunen. Eenvoudige, evenredige en doeltreffende regelgeving, evenals de modernisering en herwaardering van financieringsinstrumenten voor de reële economie, zoals securitisatie, het pan-Europees pensioenproduct en spaar- en beleggingsrekeningen, zijn daarbij van cruciaal belang.

Gezien de historische uitdagingen waarmee de Europese Unie wordt geconfronteerd, bieden de lopende besprekingen over het meerjarig financieel kader 2028-2034 een kans om een moderne, toekomstgerichte Europese begroting vast te stellen die de strategische prioriteiten van de Unie kan ondersteunen. Luxemburg en België zijn ervan overtuigd dat een flexibel meerjarig financieel kader, zonder de voorspelbaarheid uit het oog te verliezen, het vermogen van de Europese Unie om het hoofd te bieden aan de huidige economische, sociale en geopolitieke uitdagingen duurzaam zal versterken. Dit meerjarig financieel kader moet gebaseerd zijn op een transparante governance, de eerbiediging van het institutionele evenwicht, een echte vereenvoudiging van de administratieve procedures en een versterking van de randvoorwaarden in verband met de eerbiediging van de rechtsstaat. Luxemburg en België pleiten voor een adequate financiering van de nieuwe prioriteiten, zonder de traditionele beleidsdomeinen uit het oog te verliezen. De huidige onderhandelingen moeten ook leiden tot een efficiënter gebruik van de middelen. Ze roepen ook op tot een eerlijk en proportioneel financieringssysteem en de versterking van de rol van de Europese Investeringsbank bij het aantrekken van privékapitaal.

Gedreven door de wil om gezamenlijk op te treden in hun klimaat- en milieubeleid verbinden Luxemburg en België zich ertoe hun samenwerking rond de grote actuele ecologische uitdagingen te intensiveren. Beide regeringen hechten belang aan een internationale klimaatambitie, door nieuwe kansen op het gebied van innovatie en concurrentiekracht te benutten, zowel in Europa als in opkomende markten. Beide regeringen komen ook overeen hun standpunten op elkaar af te stemmen in aanloop naar de komende milieuonderhandelingen, onder meer in de strijd tegen plasticvervuiling. Ze herbevestigen ook hun vastberadenheid om de oceanen te beschermen, zowel wat de mariene biodiversiteit als de duurzame bescherming van de zeebodems betreft.
Deze dynamiek zal uiteindelijk tot uiting komen in het zoeken naar regionale initiatieven binnen het Benelux-kader, gericht op het promoten van gezamenlijke oplossingen voor een duurzamere toekomst.

Nu de fundamentele Europese waarden op de proef worden gesteld, bevestigen Luxemburg en België hun niet-aflatende inzet voor het respecteren en het versterken van de rechtsstaat, een essentiële voorwaarde voor het behoud van de beginselen en waarden waarop de Europese Unie is gestoeld en die de welvaart en stabiliteit van hun samenlevingen hebben gewaarborgd. Ze benadrukken dat de versterking van de rechtsstaat van essentieel belang blijft om de stabiliteit en de aantrekkelijkheid van de Unie te waarborgen en om de geloofwaardigheid van Europa op het internationale toneel te vrijwaren.

Beide landen erkennen het geostrategische belang van de uitbreiding van de Europese Unie, die wordt beschouwd als een belangrijk instrument voor vrede, veiligheid, stabiliteit en welvaart in een onzekere internationale context. Ze zijn zich bewust van de uitdagingen die de integratie van de kandidaat-lidstaten met zich meebrengt en steunen een aanpak die op eigen verdiensten is gebaseerd, met name wat betreft de naleving van de criteria van Kopenhagen en de afstemming op het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid. Beide landen benadrukken dat een verdere uitbreiding van de Unie gepaard moet gaan met interne hervormingen om te garanderen dat de Unie goed functioneert. De werkzaamheden op deze twee sporen moeten parallel en in hun eigen tempo vorderen.

Voortbouwend op deze nauwe vertrouwensrelatie benadrukken Luxemburg en België hun bereidheid om samen op te treden in het licht van de toenemende uitdagingen waarmee Europa wordt geconfronteerd. In deze context van toegenomen externe en interne uitdagingen voor het Europese continent betuigen Luxemburg en België hun onvoorwaardelijke steun aan de op regels gebaseerde internationale orde, het internationaal recht, het VN-Handvest en het multilateralisme. Deze steun zal tot uiting blijven komen in hun samenwerking binnen de Europese Unie, de Verenigde Naties, de NAVO en de Benelux-Unie.

In dit kader herbevestigen Luxemburg en België hun vastberadenheid om Oekraïne blijvende steun te verlenen bij de uitoefening van zijn legitieme recht op verdediging en verwelkomen ze elke inspanning die bijdraagt tot de totstandkoming van een rechtvaardige en duurzame vrede, gebaseerd op respect voor het VN-Handvest, de soevereiniteit, de onafhankelijkheid en de territoriale integriteit van Oekraïne. Zij herinneren ook aan hun sterke gehechtheid aan de uitvoering van de tweestatenoplossing tussen Palestina en Israël, wat hen ertoe heeft gebracht om in september 2025 de Verklaring van New York te steunen.

Tot slot onderstrepen Luxemburg en België het duurzame en voorbeeldige karakter van hun relatie, die gebaseerd is op vertrouwen en gedeelde belangen. Ze bevestigen hun wil om deze regelmatige dialoog in dit zogenaamde "Gäichel"-formaat voort te zetten en nauw overleg te blijven plegen in de Europese en Benelux-fora, alsook op multilateraal niveau en bij toekomstige ontmoetingen op hoog niveau.
 

  1. Nieuwstype
  1. Landen
  1. Onderwerpen